Valencia, variërend en verrassend

Alhoewel Valencia qua grootte de derde stad van Spanje is, na Madrid en Barcelona, merk je dat als je in deze boeiende stad bent eigenlijk, in positieve zin, niet. Je hebt er niet het gevoel dat je in een enorme drukke metropool aanbeland bent, maar eerder in een vriendelijk rustig provinciestadje met zelfs wat dorpse invloeden. Er zijn echter talloze fraaie bezienswaardigheden in Valencia die zeer de moeite waard zijn om eens te bewonderen zoals bijvoorbeeld de historische kathedraal van de stad, waar allerlei bouwstijlen in zijn te herkennen en ook de indrukwekkende pleinen en de vele luisterrijke jugendstilgebouwen zijn een verhaal waardig. Dat geldt ook voor een schitterend park dat enkele decennia geleden is aangelegd in de bedding van de voormalige rivier de Turia. Ik vind persoonlijk deze plek zeer bijzonder en alleen al hierom een bezoek aan Valencia meer dan de moeite waard. 

Eeuwenlang stroomde de rivier de Turia langs het oude centrum van Valencia en regelmatig trad hij in de geschiedenis van de stad buiten zijn oevers. In 1957 was dit wederom het geval en toen veroorzaakte de Turia een enorme overstroming waarbij maar liefs 400 mensen om het leven kwamen en de stad Valencia tegelijkertijd aanzienlijke materiële schade opliep. 


Men besloot hierop als veiligheidsmaatregel om de stroom van de rivier een enorm stuk naar de buitenkant van de stad te verleggen. Door deze maatregel kwam de Turia uiteindelijk ten zuiden van de stad te liggen om vandaar vervolgens in de Middellandse Zee uit te monden.

Na deze enorme infrastructurele klus was de stad ‘veilig’ voor eventuele toekomstige overstromingen en de voormalige rivierbedding in het centrum viel vervolgens droog. Een groot laaggelegen stuk land van talloze kilometers kwam vrij in het hart van Valencia. In eerste instantie wilde het stadsbestuur hier een snelweg aanleggen die op deze manier dwars door de stad zou gaan lopen en waar het verkeer overheen zou kunnen gaan razen. Gelukkig kwamen hier protesten tegen en men wijzigde de plannen. Er werd in de jaren ’80 van de 20ste eeuw besloten om op de opgedroogde rivierstrook een park te creëren. Er ontstond zo uiteindelijk een langgerekt park genaamd ‘Jardín del Turia’ met een lengte van bijna negen kilometer dat, met vele soorten bomen en exotische planten, waaronder vele palm- en sinaasappelbomen, er voor zorgt dat men zich op sommige stukken in een ‘tropisch paradijs’ midden in de stad waant. In verschillende etappes is de ‘Jardín del Turia’ trouwens aangelegd en dat maakt dat de stijlen nogal verschillen als je er door heen wandelt. Het is hierdoor echt een feest voor fans van tuin- en landschapsarchitectuur. 


Het moest een recreatiegebied worden waar iedereen het naar zijn zin had dus werden er ook sportvelden aangelegd en met name de voetbalvelden pasten soms maar net in het ontwerp omdat het park op sommige delen erg smal is, het had immers nog altijd de breedte van de toenmalige rivier.  

Ook aan kinderen is gedacht want op diverse plekken in het park zijn speelplaatsen. Eentje is heel opvallend en dat is Parc Gulliver. Deze speelplek bestaat uit een 70 meter lang beeld van Lemuel Gulliver, de hoofdfiguur uit het boek Gullivers Travels van de Engelse schrijver Jonathan Swift. De hoofdfiguur uit dit beroemde boek ligt hier in het Turia-park op zijn rug vast aan allerlei touwen en dat is het moment dat hij gevangen is genomen door inwoners van Lilliput. Het enorme speelobject is ontworpen door kunstenaar Manolo Martín en het daagt jong en oud uit om op te klimmen. Dit kan door middel van ladders, trappen en klimtouwen, waarbij je vervolgens met glijbanen weer van de sculptuur naar beneden kunt roetsjen. Op deze manier lijken de kinderen én volwassenen die hier spelen net op de Lilliputters uit het beroemde verhaal van Swift. 

Veel Valencianen, maar ook talloze toeristen, kuieren en vermaken zich tegenwoordig in het Turia-park. Door het park flaneren of joggen is echt een belevenis want af en toe lijkt het, met wat inlevingsvermogen, of je even door de voormalige rivier ‘drijft’. Je loopt namelijk onder de historische bruggen door die ooit de rivier overspanden en tegenwoordig de wijken aan beide zijdes van het park met elkaar verbinden. 


Als je onder deze oude bruggen doorwandelt kijk je van onderaf tegen de bruggewelven aan die ooit alleen maar zichtbaar waren met een bootje vanaf het water. En op dat moment realiseer je al lopende opeens dat je ook tegen voormalige oevers van de rivier kijkt waarbij je eveneens historische gebouwen die ooit aan de kade stonden kunt ontwaren. 

Het Museo de Bellas Artes de Valenica is zo’n statig bouwwerk dat je tijdens je wandeling door het Turia-park aan de voormalige rivierkade kunt zien. Loop daar zeker even naar binnen en geniet onder meer van het unieke zelfportret van Diego Velázquez, de beroemde meester uit de Spaanse barok, dat het museum rijk is. Na het intermezzo in het museum is het dan weer prima vertoeven in ‘Jardín del Turia’ om daar je tocht weer voort te zetten.

Niet alleen liefhebbers van landschaps- en tuinarchitectuur komen in het Turia-park aan hun trekken, ook bewonderaars van moderne architectuur kunnen hier hun hart ophalen. Een deel van het park is namelijk onder handen genomen door de wereldberoemde in Valencia geboren architect Santiago Calatrava, die hier in het park de Ciutat de les Arts i les Ciències, oftewel de Stad van Kunsten en Wetenschappen, heeft aangelegd dat bestaat uit een cluster van zeven markante bouwwerken. 

Calatrava heeft zijn sporen overigens ruimschoots verdiend in de hedendaagse bouwkunstgeschiedenis. Er zijn allerlei plekken op de wereld waar de vermaarde Spaanse architect opvallende bouwwerken heeft gecreëerd, zo is in dit kader bijvoorbeeld de Turning Torso in Malmö indrukwekkend. De Turning Torso is een verbazingwekkende torenflat die bestaat uit negen opgestapelde bouwblokken van elk vijf verdiepingen hoog die telkens een beetje draaien naargelang ze hoger de lucht in gaan. 


Het bovenste bouwsegment, op ongeveer zo’n 190 meter hoogte, is negentig graden gedraaid ten opzichte van het laagste en het geheel doet daarmee zijn naam eer aan. Het is echt een trekpleister van de Zuid-Zweedse stad die trouwens al helemaal vanaf Denemarken te zien. 

Een andere stad waar Calatrava actief is geweest is Bilbao waar hij onder meer de futuristische luchthaven ontwierp en ook een opvallende brug over de rivier de Nervion verwezenlijkte. Ondanks het feit dat het opmerkelijkste gebouw, namelijk het Guggenheim Museum van architect Frank Gehry, meest bepalend voor de Baskische stad is, heeft Calatrava met zijn creaties aldaar eveneens meegewerkt aan het zogenaamde Bilbao-effect

Van dit bijzondere effect wilde Valencia ook wel profiteren en zij besloot zogezegd om Calatrava de opdracht te geven om een gebied van twee vierkante kilometer in de drooggevallen bedding van de voormalige rivier de Turia te laten bebouwen. Je zou kunnen zeggen dat dit een ‘thuiswedstrijd’ voor hem was want hij was immers in Valencia geboren en getogen. In de eerste jaren van het nieuwe millennium schiep hij op deze plek een aantal zeer verrassende gebouwen, die absoluut zeer de moeite waard zijn om te bewonderen. Het werd een gigantische complex dat zoals ik schreef nu bekend is als Ciutat de les Arts i les Ciències en dat is Valenciaans voor de Stad van de Kunsten en Wetenschappen


Er verrezen hier gebouwen met welluidende namen als Hemisferen, Umbracle en Agora. De eerst genoemde is een IMAX-bioscoop waar 3D-films worden getoond en dat er uitziet als een gigantisch oog. Het lijkt of het gebouw geheel in een vijver ligt maar de waterpartij ligt slechts rondom het gebouw. De spiegeling van het water zorgt ervoor dat het gebouw in de vorm van een oog volledig lijkt en heel soms de toeschouwer een knipoog geeft. De Umbracle is een gigantische witmetalen pergola dat een grote tuin met van meer dan 17.000 vierkante meter overspant en waar palmbomen en tropische bloemen onder groeien. De Agora, het Griekse woord voor ‘ontmoetingsplaats’, wordt gebruikt voor tentoonstellingen en evenementen, en werd overigens als laatste voltooid. Het grootste bouwwerk is Museo de la Ciencias Príncipe Felipe en hier is het wetenschap en techniekmuseum in gehuisvest. En dan is er nog het nabij gelegen Oceanografie dat ook tot het architectonische ensemble van Stad van de Kunsten en Wetenschappen behoort.

Eén gebouw van dit complex dat tenslotte zeker niet ongenoemd mag blijven is het Palau de les Artes Reina Sofia, dat genoemd is naar de voormalige Spaanse koningin en dit imposante stukje architectuur verleent onderdak aan de opera van Valencia. Het ziet eruit als een mix tussen een gigantisch ruimteschip en een enorm gordeldier dat bekleed is met duizenden witte keramische tegels. Twee jaar geleden heb ik hier de opera ‘Don Carlos’ van Verdi bijgewoond met onder meer de beroemde operazanger Placido Domingo in één van de hoofdrollen. Dit was een geweldige ervaring in deze prachtige ambiance. 


Dat het hele complex van Calatrava in Valencia wel heel bijzonder is blijkt wel als je leest hoeveel het gekost heeft: oorspronkelijk was het budget voor de Ciutat de les Arts i les Ciències vastgesteld op 300 miljoen euro. Uiteindelijke waren de totale kosten 1.3 miljard euro! Een verdrievoudiging van het gebudgetteerde bedrag en dat is niet mis. Dit zorgde er trouwens ook voor dat de geplande ‘Torres de València’, drie wolkenkrabbers die Calatrava had ontworpen voor het gebied, nooit zijn gerealiseerd. 

Kostenoverschrijding is trouwens één van de algemene klachten die men over de architect Calatrava heeft, want ook bij soortgelijke projecten van hem in andere steden overschreed hij regelmatig ruim het budget. Daarnaast blijkt als tweede kritiekpunt dat zijn bouwprojecten geregeld technisch niet goed in elkaar te zitten en dienen ze, soms al tijdens de bouw, aangepast te worden, wat dan weer extra kosten oplevert. Dat was hier in Valencia dus ook het geval, zo vielen vlot na de opening spontaan de witte keramische tegels van het Palau de les Artes Reina Sofia af en stond het gebouw tien jaar na voltooiing al weer in de steigers. Tenslotte blijkt dat Calatrava’s gebouwen behoorlijk onderhoudsgevoelig zijn en het budget hiervoor gaat vaak ten koste van de exploitatie van zo’n gebouw. Zo zijn er door dit feit maar een beperkt deel van het jaar opera-uitvoering in het Palau de les Artes Reina Sofia en dat is jammer.


Maar ik ben van mening dat ondanks al deze kritiek Valencia met recht trots op deze schitterende moderne architectuurcreaties van Calatrava mag zijn. Het zogenaamde Bilbao-effect in Valencia lijkt vooralsnog nog niet opgetreden en de enorme toeristenstromen bleven uit, maar ik weet niet of de Valencianen daar zo rouwig om moeten zijn. Als bezoeker kun je nu nog heerlijk in alle rust genieten van alle genoemde architectuur en word je niet gehinderd door de drukte die je bijvoorbeeld wel in Barcelona bij de bezienswaardigheden ten deel valt. Aangevuld met de gemoedelijke manier van omgang van de Valencianen en met het continue aangename weer maakt het een heerlijke plek om eigenlijk op alle momenten van het jaar te vertoeven. Ik zou bijna zeggen ga naar het ‘ongerepte’ Valencia nu het nog kan.

 

Marcel  Verhoeven, Stedenkenner

verhoeven@kunststad.nl

 

In 2020 kun je meerdere malen met ons op reis naar Valencia om te genieten van de bouwkunst en om het Turia-park te bewonderen. Maar we laten je nog veel meer zien van de stad en de regio. Kijk hier voor meer informatie.