Nederlandse invloed in New York

Als ik in Nederlandse krantenartikelen wel eens het woord Yankees lees om de inwoners van de Verenigde Staten mee aan te duiden dan moet ik er altijd aan denken dat we dan eigenlijk ons zelf er mee bedoelen. De oorsprong van het woord Yankees is namelijk hoogstwaarschijnlijk gebaseerd op de historische, uit Europa afkomstige, bewoners van het eiland Manhattan. Op 24 mei 1628 ‘kocht’ de Hollandse gouverneur Peter Minuit namens de Nederlanders het eiland Manhattan van de indianen. Het hele gebied inclusief Manhattan, onderdeel van het huidige New York, werd vervolgens Nieuw-Amsterdam genoemd. Nieuw-Amsterdam kreeg in1653 stadsrechten en groeide uit tot de grootste Nederlandse koloniale nederzetting in Noord-Amerika. Het bleef in Nederlandse handen tot en met 1674 en toen werd het gebied, na wat strijd, aan Engeland afgestaan.

De Britse kolonisten troffen, na de overname van Manhattan, de inwoners van de voormalige Nederlandse stad aan en hoorden dat de mannen veelal de voornaam Jan of Kees hadden. De Britten combineerden deze namen uit gemakzucht tot een nieuw begrip en noemden deze Nederlanders de Jan-Kezen oftewel in het Engels verbasterd tot de Yankees!


Yankees was dus min of meer een scheldnaam voor de Nederlanders op Manhattan. In de eeuwen daarna bleven de inwoners van New York, veelal van Nederlandse afkomst, deze naam gebruiken als een soort geuzennaam waar ze eigenlijk wel trots op waren. Tijdens de Amerikaanse burgeroorlog noemden de opstandige Zuiderlingen, om hun vijand te typeren, alle bewoners uit alle noordelijke staten Yankees. En zo werd het een veel algemenere uitdrukking voor een grotere groep Amerikanen.

Als nagedachtenis aan de eerder genoemde gouverneur Peter Minuit is er op de kop van Manhattan een klein parkje naar hem vernoemd, het Peter Minuit Plaza, dat trouwens niet ver van het voormalige historische stadhuis van de toenmalige Nederlandse nederzetting ligt. Met enige verwondering heb ik hier verschillende malen staan kijken hoe men aan de voet van het enorme bankgebouw van de firma Goldman Sachs met glastegels de summiere restanten van dit beroemde Stadt Huys van Nieuw-Amsterdam heeft tentoongesteld. Deze plek met archeologische overblijfselen van het stadhuis van Nieuw-Amsterdam is eigenlijk de enige waar je buiten op straat  in New York nog iets tastbaars van de Nederlandse periode kunt meekrijgen. En natuurlijk verwijzen nog verschillende straatnamen zoals Wall Street, Beekman Street en Nassau Street in dit gebied aan deze Nederlandse begintijd. 


Enige jaren geleden is daar nog een plein bijgekomen dat verwijst naar dit Nederlandse tijdperk namelijk Het New Amsterdam Plein. Dit plein werd voltooid in 2011 en wordt gedomineerd door een opvallend paviljoen dat bestaat uit vier uitwaaierende vleugels die ruimte bieden aan enkele publieke functies waaronder een informatiebalie voor toeristen. Het interessante bouwwerk is ontworpen door de bekende Nederlandse architecten Ben van Berkel en Caroline Bos, die op deze manier de ‘historische cirkel’ weer rond maken. Want na bijna vierhonderd jaar na de stichting van New York zijn de Nederlanders weer, of misschien moet ik zeggen nog altijd, actief met bouwkunstige activiteiten. 

Een ander interessant project van een Nederlander in New York dat ik in dit kader wil noemen is het zogenaamde High Line Park. Dithooggelegen park is opmerkelijk langgerekt en dat komt omdat het werd aangelegd op het voormalige traject van de West Side Line, een in onbruik geraakte goederenspoorlijn op Manhattan. De Nederlands Tuinarchitect Piet Oudolf ontwierp de hele beplanting van dit inmiddels uiterst populaire stadspark en dat heeft hij zo kundig gedaan dat je tijdens je bezoek aan New York een wandeling door het High Line Park eigenlijk niet mag overslaan.


Ook de Nederlandse kunstbeurs TEFAF, wereldwijd de meest toonaangevende kunst- en antiekbeurs die al decennia lang jaarlijks plaatsvindt in Maastricht, heeft een aantal jaren geleden besloten om de oceaan over te steken om hun Amerikaanse klanten op hun wenken te bedienen. Tweemaal per jaar is er een tegenwoordig een editie van de TEFAF in New York; in het voorjaar staat deze in het teken van design en moderne kunst, in het najaar staan kunstwerken van de oudheid tot en met de twintigste eeuw centraal.  

Tussen de stichtingsdatum van Nieuw-Amsterdam vier eeuwen geleden en de huidige Nederlandse activiteiten in New York zou je kunnen zeggen dat de artistieke invloed uit de ‘lage landen’ eigenlijk nooit is verdwenen. Daar kom je pas goed achter als je de toonaangevende kunstmusea in New York bezoekt. Nederland blijkt overvloedig vertegenwoordigd als je de talrijke schilderijen van Hollandse Meesters uit onze Gouden Eeuw in het Metropolitan Museum of Art in New York bewondert. Ook de prachtige werken van Johannes Vermeer in de Frick Collection laten je beseffen hoe belangrijk wij in de 17de eeuw waren. 


En vergeet niet de topstukken van het Museum of Modern Art (MoMa) die bestaan uit een reeks werken van vermaarde Nederlanders zoals ‘De Sterrennacht’ van Vincent van Gogh, ‘Broadway Boogie Boogie’ van Piet Mondriaan en ‘Woman I’ van Willem de Kooning. 

De namen Jan en Kees zijn inmiddels aangevuld met andere oer-Hollandse namen als Piet, Willem en Ben, echter als het om de kunst gaat dan blijkt dat de Nederlandse invloed nog steeds een belangrijke factor van betekenis is in New York!

 

Marcel  Verhoeven, Stedenkenner

verhoeven@kunststad.nl

 

Wilt u met mij mee op reis naar New York dan kan dat eind oktober 2020. Meer informatie over deze unieke reis vindt u hier