Een groots ontvangst!

Gelukkig ben ik niet claustrofobisch aangelegd en voel ik dus geen angst als ik mij in te kleine ruimtes begeef. Had ik daar wel last van gehad dan had ik vast en zeker een aantal hotels die ik de laatste jaren bezocht heb gelijk na aankomst weer uitgelopen, want sommige entrees en recepties zijn wel erg klein en benauwend. 

Ik begrijp dat je als hotel natuurlijk te maken hebt met de beschikbare ruimte waar je al je hotelfuncties een plaats moet geven. Ook allerlei regelgevingen, vergunningen en restricties van monumentenbehoud kunnen er voor zorgen dat je gebonden bent aan een bepaalde plattegrond met soms ruimtelijke beperkingen. Echter ik vind het toch wel heel prettig als je een vier- of vijfsterren hotel binnentreedt en je meteen een gevoel van ruimtelijkheid hebt, dit verhoogt voor mij het gevoel van luxe en comfort.

In Sevilla en op andere plekken in Andalusië tref je bijvoorbeeld talloze hotelaccommodaties aan die gehuisvest zijn in oude stadspaleizen. Toen deze culturele erfgoederen getransformeerd werden tot een luxe vier- of vijfsterrenhotel moest men zogezegd rekening houden met een aantal regels die ik hierboven noemde. 


Dit hoeft niet altijd nadelig uit te werken want veel van deze genoemde historische gebouwen beschikken over een groot binnenhof of patio. Deze enorme open plek in het hotel geeft een heel ruimtelijk gevoel. 

Zo’n atrium is voor velerlei hotelfuncties te gebruiken en het valt me op dat die meestal overdekt wordt en een onderdeel van de ontvangstreceptie annex lobby is. Als gast krijg je hierdoor vaak meteen een gevoel van grandeur als je zo’n karakteristiek patio binnenstapt. 

Als het binnenhof (nog) niet overdekt is dan zie je dat dit deel van het hotel geregeld de functie van restaurant krijgt toebedeeld. Je kan met name in de mediterrane landen zoals hier in Sevilla, waar temperaturen vaak het hele jaar aangenaam zijn, op deze plek heerlijk in de buitenlucht genieten van een drankje of zelfs lunchen en dineren.

Toen ik als echte Nederlander voor het eerst in Sevilla een mooi ingerichte niet overdekte patio zag was ik verbaasd en ik vroeg aan een medewerker van de hotelreceptie hoe men er mee omging als het regende. Immers alle meubels zouden dan nat worden en gasten zouden door de regen met hun bord eten naar binnen moeten vluchten. De Zuid-Spaanse hotelmedewerker reageerde laconiek “het regent hier zelden of nooit”. 


Toch wordt het atrium vaak wel ten dele overdekt maar dan juist meer tegen de zinderende zonneschijn, het kan namelijk behoorlijk warm worden in zo’n windvrij en beschut binnenhof. Van de zomer had men in Sevilla bij een mooi viersterrenhotel waar ik verbleef een enorme luxe zeildoek over de patio gespannen en dat zorgde er niet alleen voor dat men de temperatuur iets beter in de grote ruimte kon regelen (men had men hier zelfs grote airconditioninginstallaties neergezet). Een ander voordeel van dit zogenaamde velum was dat je toch min of meer buiten zit, maar dat vogels zoals duiven niet van je tafeltje de pinda’s kunnen komen stelen. 

Dat de historische open binnenhoven populair bij hotels zijn blijkt wel uit het feit dat men tegenwoordig in nieuwe moderne hotels ook vaak bewust er voor kiest om zo’n grote ruime binnenruimte te creëren. In het Marriott in Berlijn overstijgt het binnenhof bijna alle hotelverdiepingen, die als galerijen om het open atrium gesitueerd zijn. Dat is trouwens ook het geval bij het nieuwe Hiltonhotel op Schiphol en dat geeft beiden genoemde hotels een enorme ruimtelijkheid.


Bij het Radisson Blu Hotel in Berlijn is er zelfs voor gekozen om in het enorme binnenhof een aquarium te plaatsen met een miljoen (!) liter water. 

Echter het vijfsterrenhotel in Sevilla waar ik nu even verblijf is nog geen jaar oud en overstijgt letterlijk en figuurlijk al mijn verwachtingen die ik er, voor dat het geopend werd, van had. Hier word je niet alleen getrakteerd op grandeur en luxe, maar ook op een fenomenaal uitzicht op de fraaie stad Sevilla. 

 

Judith de Groot, HospitalityScanner

info@HospitalityScanner.com