Vitaminen uit Valencia

Verleden week schreef ik over een aantal culinaire specialiteiten in Denemarken en Zweden, die uiteraard ook in het hotel aldaar te verkrijgen waren. Ik vind het belangrijk dat je op de plaats van bestemming kennis maakt met lokale gebruiken en gerechten en tijdens onze kunstreizen besteden we daar dan ook altijd aandacht aan. Éen van mijn favoriete keukens is de Spaanse en ik kijk dan ook al weer uit naar de reizen die we na dit najaar zullen maken naar Bilbao en Valencia. 

Valencia staat bekend om een aantal culinaire zaken die echt verbonden zijn met deze Spaanse stad en met het land zelf, bijvoorbeeld de ‘Tapas’, de kleine typerende hapjes die in Spanje bij het aperitief genuttigd worden. Dit ‘hapje’ kent meerdere ontstaansgeschiedenissen, maar degene die mij het meest aanspreekt is het verhaal dat de oorsprong van de ‘Tapas’terug te voeren zou zijn tot aan het begin van de zestiende eeuw ten tijden van onze Keizer Karel de V. Onder zijn bewind vertrok vanuit het zuiden van Spanje om het uur een paard en ruiter naar de Zuidelijke Nederlanden waar zijn dochter Margaretha van Parma hem vertegenwoordigde als landvoogdes. 

Onderweg stopten de ruiters vaak in herbergen om iets te drinken. Al snel werd vastgesteld dat heel wat ruiters uiteindelijk ronduit dronken op hun paard zaten, dus heeft Keizer Karel 


geordonneerd dat alle herbergen in Spanje bij de drank ook iets te eten moesten aanbieden. Zodoende werd vermeden dat de ruiters enkel wijn of alcohol dronken en geen voedsel tot zich namen. Vandaar het gebruik om kleine hapjes, ‘tapas’, bij de drank te serveren. 

In verschillende eetgelegenheden in Valencia is het de gewoonte om de kleine hapjes op een stukje brood en een prikkertje aan te bieden. In de bars staan de vitrines vol met heerlijkheden. Door middel van het stokje worden de verschillende ingrediënten bij elkaar gehouden. Deze prikkertjes, in het Spaans ‘Pinxtos’ genoemd, hebben echter nog een andere functie. Meestal is het namelijk self service en pak je de ‘Pinxtos’ zelfstandig uit de vitrines. Je kiest zoveel hapjes uit als wilt en daarna is het de bedoeling dat je de prikkertjes op je bord bewaart als je de ‘tapas’op hebt. Zo weet de ober aan het einde van de avond hoeveel ‘Pinxtos’ je genuttigd hebt en je dus dient af te rekenen. De prikkertjes vertegenwoordigen allen een waarde van circa € 1,50 en men gaat er dus in goed vertrouwen vanuit dat je alle stokjes bewaart. 

Ik vind het een gezellige bezigheid om de kleine hapjes uit te zoeken en daarna ergens op het terras te nuttigen. Een aanrader dus om hier in Valencia eens zo’n traditioneel tapascafé te bezoeken waar je heerlijk kunt genieten van de traditionele ‘Pinxtos’. De Pinxto is overigens overgewaaid vanuit Baskenland en Bilbao, waar de Pinxto oorspronkelijk ontstaan is.


Valencia staat trouwens ook bekend als de ‘Stad van de Sinaasappels’. In de regio rond de stad groeien vele sinaasappelen, mandarijnen en andere citrusvruchten. Een tijdje geleden was ik op bezoek bij het Valenciaanse echtpaar Jézus en Isabel. De familie van Jézus heeft al generaties lang een citrusboomgaard, waar ze naast sinaasappels de meest bijzondere citrusvruchten verbouwen. Vol passie vertelde hij mij hierover en hij liet mij van alles proeven en vertelde honderduit. Ik vroeg hem of ik ook eens met mijn gasten bij hem langs mocht komen en hij vertelde ons graag te verwelkomen. En bij de Valencia-reis van KUNSTSTAD van dit afgelopen voorjaar zijn wij dan ook gastvrij ontvangen door dit sympathieke echtpaar en kwamen de deelnemers van de reis van alles te weten over de Valenciaanse sinaasappel. Natuurlijk zal deze excursie naar Jézus de sinaasappelteler vanaf nu een vast onderdeel op het reisprogramma van de Valenciareis zijn. 

De sinaasappels zie je trouwens ook aan talrijke bomen door de gehele stad Valencia heen groeien, echter die zijn niet voor de consumptie geschikt, maar als sierbomen gekweekt. Het is voor de bevolking dus zinloos om de sinaasappelen uit de stadsbomen te plukken want ze zijn echt oneetbaar als handfruit. Dit is maar goed ook want hierdoor houdt de stad zijn prachtige exotische uitstraling met al die ‘appeltjes van oranje’. 


Het blijkt trouwens dat iedere Nederlander wel eens sinaasappels in de supermarkt koopt die uit de omgeving van Valencia komen. Op deze manier haal je dus een vleugje Valencia in huis. Sinaasappels groeien het beste bij een gemiddelde temperatuur van 23 °Celsius en in de provincie Valencia is het altijd heerlijk warm en zonnig, dus zeer geschikt voor de sinaasappelteelt. De sinaasappels uit Valencia staan bekend om hun zoete smaak en het hoge gehalte vitamine C. Lekker en gezond dus! Bij veel cafés en barretjes kun je verse sinaasappelsap “Zumo de Naranja Natural” bestellen. Oh ja, je kunt hier ook nog ‘Agua de Valencia’ bestellen. Deze plaatselijk bekende cocktail, dat letterlijk ‘Water uit Valencia’ betekent, bestaat uit Valenciaans sinaasappelsap met cava, wodka, gin en suiker.

De ‘Pinxtos’ en de sinaasappel, twee extra redenen om eens naar Valencia te gaan. Buen provecho(eet smakelijk)!

 

Judith de Groot, HospitalityScanner

info@HospitalityScanner.com 


PS. Mocht je met mij mee willen naar Valencia om de verschillende Valenciaanse heerlijkheden zelf te proeven en onder meer kennis te maken met de citrusvruchten van Jézus en Isabel dan kan dat bijvoorbeeld bij de Valenciareis van 21 t/m 25 november 2019.

De traditionele pinxtos ervaren we in Bilbao in oktober, waarbij we tevens naar de bekende Rioja-streek gaan om wijn aan de bron te drinken. 

 

Ga je mee?