Bouwkunst die bedoeld is om mensen te lokken

Tijdens mijn recente verblijf in Malmö werd ik herinnerd aan een beroemde Spaanse architect namelijk Santiago Calatrava en dit komt omdat hij in deze Zuid-Zweedse stad een opvallende torenflat gebouwd heeft. Vanaf de bovenste verdieping van ons hotel hadden we een schitterende blik over zowel de stad Malmö als ook over de Sont en je kon zelfs aan de andere kant van het water de skyline van Kopenhagen zien liggen. Tijdens de borrel op de eerste dag van de KUNSTSTAD-reis naar deze bestemming keken de deelnemers hun ogen uit en tijdens het drankje vertelde ik ook nog wat wetenswaardigheden over het genoemde bouwwerk van Calatrava. Voor het vierenvijftig verdiepingen tellende gebouw heeft Calatrava een gedraaid menselijk lichaam als uitgangspunt genomen. De naam van de wolkenkrabber is dan ook Turning Torso en het bestaat uit negen opgestapelde bouwblokken van elk vijf verdiepingen hoog die telkens een beetje draaien naargelang ze hoger gaan. Het bovenste bouwsegment, op ongeveer zo’n 190 meter hoogte, is negentig graden gedraaid ten opzichte van het laagste. Je begrijpt dat het hoge flatgebouw enorm opvalt en vanuit allerlei plekken in de stad en omgeving zichtbaar is. 


Calatrava heeft vele bijzondere gebouwen gerealiseerd en misschien zijn de meest opvallenden wel te vinden in Valencia. Het gaat hier om wel zeven markante bouwwerken van de vermaarde bouwheer die bij elkaar Ciudad de las Artes y las Ciencias oftewel de Stad van de Kunst en Wetenschap worden genoemd. 

Dit cluster van moderne architectuur in Valencia is echt een contrast met de atmosfeer in de rest van de stad. Alhoewel Valencia qua grootte de derde stad van Spanje is (na Madrid en Barcelona), merk je dat eigenlijk, in positieve zin, niet. Ik bedoel dat je niet het gevoel hebt dat je in een enorme drukke metropool bent, maar eerder in een vriendelijk rustig provinciestadje met zelfs wat dorpse invloeden. Dat laatste uit zich onder meer in de sfeer die heerst op allerlei stadspleintjes in het centrum van de stad. De gemoedelijke manier van omgang van de Valencianen, aangevuld met het continue mooie zomers weer, maakt het een heerlijke plek om eigenlijk op alle momenten van het jaar te vertoeven.

Echter Valencia wilde meer grootstedelijke allure uitstralen en hierom besloot men eind jaren ’80 van de vorige eeuw aan de rand van het Turia-park, dat trouwens ooit de bedding van een rivier was, zogezegd een gigantische complex met gebouwen te realiseren dat zoals ik schreef nu bekend is als Ciudad de las Artes y las Ciencias (de Stad van de Kunst en Wetenschap). 


Na het voorbeeld van Bilbao, waar na de bouw van het Guggenheim Museumdoor Gehry aldaar de economie een enorme boost kreeg, wilde Valencia eigenlijk ook wel zo’n Bilbao-effect in hun stad creëren. Valencia koos voor de architect Santiago Calatrava die oorspronkelijk uit Valencia komt en je zou kunnen zeggen dat dit een ‘thuiswedstrijd’ voor hem zou worden. Calatrava had al wat bouwprojecten op zijn naam staan waaronder in Bilbao. Hier bouwde hij onder meer een brug over de rivier de Nervion en ook de Luchthaven van Bilbao is van zijn hand. 

Calatrava, kreeg van het Valenciaanse stadsbestuur de opdracht om een gebied van twee vierkante kilometer te bebouwen en in de eerste jaren van ons nieuwe millennium schiep hij daarop een aantal zeer verrassende gebouwen, die absoluut zeer de moeite waard zijn om eens te gaan bewonderen. Alleen hierom zou je eens naar Valencia moeten!

Dat dit complex in Valencia bijzonder is blijkt wel als je leest hoeveel het gekost heeft: oorspronkelijk was het budget voor La Ciudad de las Artes y las Ciencias vastgesteld op 300 miljoen euro. Uiteindelijke waren de totale kosten 1.3 miljard euro !!! Een verdrievoudiging van het gebudgetteerde bedrag. 


Dit is trouwens één van de klachten over de architect Calatrava, want ook bij andere projecten van hem in andere steden wereldwijd overschreed hij het budget ruim. Daarnaast blijken zijn projecten soms technisch niet goed in elkaar te zitten en dienen, soms al tijdens de bouw, aangepast te worden, wat dan weer extra kosten met zich meebrengt. Tenslotte zijn Calatrava’s gebouwen na voltooiing behoorlijk onderhoudsgevoelig.  

Maar ik blijf van mening dat Valencia met recht trots op deze schitterende architectuurcreaties mag zijn. Eén gebouw van dit complex wil ik speciaal noemen en dat is het ‘Palau de les Artes Reina Sofia’ (2005). Dit gebouw, dat genoemd is naar de voormalige Spaanse koningin, is de Opera van Valencia. Het ziet eruit als een mix tussen een gigantisch ruimteschip en een enorm gordeldier dat bekleed is met duizenden witte keramische tegels. Twee jaar geleden heb ik hier de opera ‘Don Carlos’ bijgewoond met onder meer Placido Domingo in één van de hoofdrollen. Dit was een geweldige ervaring in deze prachtige ambiance. 

De stad Valencia is inmiddels één van onze favoriete reislocaties en er zijn talloze redenen om eens met ons mee naar deze heerlijke Spaanse stad te gaan. Eén drijfveer zou dus kunnen zijn om de bijzondere creaties van Calatrava ter plekke te bewonderen. 

Ga je in binnenkort met ons mee naar Valencia

 

Marcel  Verhoeven, Stedenkenner 

verhoeven@kunststad.nl