Topstukken overal!!!

Afgelopen weekend hebben we met een groep kunstgeïnteresseerden weer ontzettend genoten tijdens de uitgebreide weekendtrip naar onder meer Museum De Fundatie in Kasteel Het Nijenhuis als tevens in de hoofdvestiging in Zwolle en daarbij zijn we ook nog naar het Kröller-Müller Museum op de Veluwe geweest. Met veel plezier gaf ik bij het laatst genoemde museum een uitgebreide rondleiding langs de prachtige schilderijen die het gelijknamige echtpaar honderd jaar geleden heeft verzameld. Wat een topstukken hangen daar! 

Ik ben regelmatig onder de indruk van collecties die ontstaan zijn door rijke particuliere verzamelaars. De genoemde kunstverzameling van Kröller-Müller is eigenlijk tot stand gekomen door de inspanningen van Helene Kröller-Müller die samen met haar kunstadviseur Henk Bremmer in de jaren ’10 en ’20  van de 20ste eeuw bij kunsthandelaren in Parijs veel doeken verwierf van klassiek moderne kunstenaars zoals de impressionisten Renoir en Monet. Ook werken van Picasso, Severini en Mondriaan kocht zij aan, maar het meest indrukwekkend is wel de enorme hoeveelheid schilderijen van Vincent van Gogh. Maar liefst 91 werken van hem heeft Helene samen met haar man aangekocht en die verzameling vormt tegenwoordig de kern van het Kröller-Müller Museum


De meeste kunstcollecties die je aantreft in musea blijken door adellijke lieden tot stand te zijn gebracht. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor de twee schilderijen van Rembrandt die ik anderhalve week geleden bewonderde in Warschau en waar ik zoals beloofd nog op terug zou komen. Ik heb het dan over ‘Jonge vrouw in een schilderijlijst’ (1641) en ‘De Geleerde aan een lessenaar’ (1641) die zich tegenwoordig beiden in het Koninklijk Kasteel in Warschau bevinden. De twee topwerken waren ooit in het bezit van de laatst koning van Polen Stanislaw August Poniatowski (1732-1798) en hingen tijdens zijn regeringsperiode in de 18de eeuw waarschijnlijk op de plek (of in de buurt) van waar ze nu ook weer te zien zijn. Via wat omzwervingen zijn ze vervolgens in de collectie van de grafelijke Poolse familie Lanckoronski gekomen, die hun kunstcollectie ophing in hun stadspaleis in Wenen. Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak heeft men een groot deel van de schilderijen in zoutmijnen in Oostenrijk kunnen beschermen, waarna men de verzameling na de oorlog naar Zwitserland heeft weten te verplaatsen en daar heeft het jarenlang in het geheim in kluizen gelegen. De belangrijkste belanghebbende, Gravin Karolina Lanckoronska, die in de oorlog door de Duitsers gevangen werd genomen en die onder meer in vrouwenkamp Ravensbrück belandde, was nu eigenaresse van de kunstcollectie.


Door de komst van de communisten was de adellijke Lanckoronski familie al hun bezittingen die ze nog in Polen hadden kwijtgeraakt, maar hun sentiment en gevoelens voor hun oorspronkelijke vaderland was nooit verdwenen. Gravin Karolina richtte daarom uiteindelijk een stichting op ter promotie van de Poolse cultuur en die kwam in een stroomversnelling toen in 1989 het communisme in Polen verdween. In dat jaar schonk gravin Karolina Lanckorońska uiteindelijk de twee werken van Rembrandt aan Polen en kregen ze definitief hun plek in het Koninklijk Kasteel in Warschau. De schilderijen zijn tegenwoordig topstukken van Warschau en echt één van de belangrijkste redenen om naar de Poolse hoofdstad te gaan. 

Gravin Karolina Lanckorońska overleed trouwens na een bewogen leven in 2002 op een aimabele leeftijd van 104 jaar en zij is niet in Polen begraven maar op de beroemde begraafplaats ‘San Lorenzo fuori le Mura’ in Rome. Dit is trouwens de rustplaats van veel meer markante persoonlijkheden zoals de bekende Italiaanse acteur Marcello Mastroianni en de vermaarde schrijver Alberto Moravia. En dat doet me denken aan jaren geleden dat ik op 1 november op een avond over dit kerkhof liep en het op dat moment het feest van Allerheiligen was. Dit was een bijzonder en mystiek moment waar ik graag een ander keer iets meer over schrijf.


 

Marcel  Verhoeven, Stedenkenner 

verhoeven@kunststad.nl