Art is not what you see but what you make others see

Zoals in de inleiding van deze week al beschreven staat belandde ik deze week wegens een overstap tijdens mijn vliegreis naar Berlijn in Manchester. Ik had enige uren op het vliegveld van deze Engelse stad kunnen vertoeven maar ik dacht bij mezelf waarom maak ik niet van de nood een deugd en ‘plak’ ik er enkele dagen aan vast. Als reis- en kunstliefhebber is het altijd erg belangrijk om inspiratie op te doen en dan moet je volgens mij niet alleen maar onderweg zijn maar ook af en toe een rustmoment inbouwen. En dat deed ik dus in Manchester. Alhoewel ik de stad al redelijk goed ken, want ik was er in het verleden al verscheidene malen geweest en we hadden er zelfs al eens en reis voor KUNSTSTAD naar toe georganiseerd, was het toch weer een genoegen om door de stad te flaneren. Tijdens mijn zwerftocht door Manchester belandde ik op een gegeven moment in de gerenommeerde Manchester Art Gallery. Dit is het belangrijkste kunstmuseum in het centrum van de (voormalige) industriestad en is gehuisvest in twee historische negentiende eeuwse gebouwen verbonden met elkaar door een nieuwe aanbouw uit de eenentwintigste eeuw, die als het ware een corridor tussen beiden vormt. 


Voor een kunsthistoricus als ik, maar natuurlijk ook als kunstliefhebber, is dit museum buitengewoon interessant. Natuurlijk is het altijd leuk om verschillende zeventiende eeuwse Hollandse Meesters zoals Gerard ter Borgh, Pieter de Hoogh, Albert Cuyp en andere beroemde namen bij elkaar te zien hangen en ook de Franse impressionisten zijn in dit museum de moeite waard, maar het meest geboeid was ik toch wel door de imposante collectie werken van de Pre-Raphaelite Brotherhood. 

Deze groep kunstenaars, die in het Nederlands ook wel de Prerafaëlieten wordt genoemd, waren werkzaam in Engeland in de tweede helft van de negentiende eeuw, de periode die men ook wel de Victoriaanse tijd noemt. Deze kunstenaars wilden zich afzetten tegen de academische regels en zij waren voornemens weer te gaan schilderen volgens de eenvoud en methodes die men hanteerde in de periode voor de Italiaanse Hoog-Renaissance, dus de tijd van vóór de beroemde renaissance schilder Rafaël (1483-1520) en dat verklaart dan ook de naam van dit Victoriaanse genootschap.

De belangrijkste leden van deze beweging waren William Holman Hunt, John Everett Millais, Edward Burne-Jones, John William Waterhouse en Dante Gabriel Rossetti, die allemaal met verschillende schilderijen in de Manchester Art Gallery vertegenwoordigd zijn. 


Zo hangt er hier in Manchester een werk van John Everett Millais met de titel ‘Autumn Leaves’(‘Herfstbladeren’) uit 1856, dat vier jonge meisjes weergeeft die herfstbladeren verzamelen en aan het verbranden zijn. De meisjes staan symbolisch voor jeugd en onschuld en de bladeren en de ondergaande zon symboliseren de vergankelijkheid. Een werk dat dus erg tot de verbeelding spreekt. 

Zijn collega William Holman Hunt valt in de Manchester Art Gallery op door een religieus getint werk genaamd ‘Christ Shadow’ (‘Christus Schaduw’) waarbij hij een nog jonge Jezus in de timmerwerkplaats van zijn vader Jozef heeft geschilderd. De halfontklede Jezus, die zich wellicht nog niet bewust is van zijn latere lot, reikt met zijn armen omhoog en achter hem ontstaat zodoende een schaduw op de muur die veel weg heeft van de kruisiging inclusief spijkers in de (schaduw)handen. Er zijn trouwens nog meer elementen op Hunt’s schilderij die een symbolische betekenis hebben en waar je je in zou kunnen verdiepen. 

Zogezegd zijn er tientallen schilderijen in de Manchester Art Gallery van de Prerafaëlieten en bijna bij allemaal valt een uitgebreid verhaal te vertellen maar dan zou mijn blog te lang worden.


Tenslotte wil ik echter er toch nog eentje noemen namelijk een monumentaal werk van een andere Prerafaëliet en dat is van Dante Gabriel Rossetti, een zoon van een naar Groot-Brittannië uitgeweken Italiaanse dichter. Niet verwonderlijk dat de jonge Rossetti niet alleen interesse had in de schilderkunst maar ook in de dichtkunst. Het betreffende schilderij in het museum in Manchester heeft de titel ‘Astarte Syriaca’, dat was een godin uit de Oudheid die vooral in het Midden-Oosten werd vereerd. De dame die voor de godin Astarte model had gestaan was Jane Morris en zij was de vrouw van de kunstenaar William Morris. Rossetti was meer dan gek op zijn muze Jane Morris, die verschillende malen model voor hem model heeft gestaan. Zo is Jane ook vereeuwigd door Rossetti als de godin Proserpina en dit schilderij bevindt zich in de Tate Brittain in Londen. Over de (deels onbereikbare) liefde van Rossetti voor Jane Morris kan ik nog heel veel meer vertellen, maar daar neem ik liever een andere keer de tijd voor. 

 

Marcel  Verhoeven, Stedenkenner 

verhoeven@kunststad.nl