Een met verstand begiftigde ziel

Eergisteren bezocht ik weer eens met veel plezier de Sixtijnse Kapel, die zijn naam de danken heeft aan zijn opdrachtgever Paus Sixtus IV, en dit keer was het als een voorbereiding voor de twee KUNSTSTAD-Romereizen die aankomende tijd gaan plaatsvinden. Alhoewel de kapel door veel meer beroemde kunstenaars gedecoreerd is, waaronder Botticelli, Perugino en Ghirlandaio, moest moet iedereen natuurlijk direct denken aan Michelangelo. De vermaarde Renaissance meester was verantwoordelijk voor het fresco op het plafond en tevens voor het fresco op de achterwand bij het altaar. Toen ik begin jaren ’90 als student kunstgeschiedenis voor het eerst in de Sixtijnse Kapel kwam werd ik overvallen door dit enorme artistieke spektakel. Uren heb ik staan turen naar alle scènes en figuren die op het plafond geschilderd waren.

Regelmatig heb ik de jaren daarna tijdens mijn kunsthistorische lezingen verteld over Michelangelo en over zijn arbeid in de Sixtijnse Kapel. 

Tijdens mijn presentaties over het boek ‘Het Bernini Mysterie’ van de Amerikaans auteur Dan Brown kwam ook de kapel ter sprake. Uitvoerig werd namelijk in deze avonturenroman uit de doeken gedaan hoe de kardinalen op deze plek tijdens (lange) vergaderingen een nieuwe paus kiezen. 


Dan Brown hield zich in zijn boek met betrekking tot de procedure inderdaad nauwkeurig aan de waarheid. In de afgelopen 15 jaar is het twee keer voorgekomen dat er zo’n ‘pausverkiezing’ plaatsvond. Eerst na de dood van Paus Johannes Paulus II in 2005 en daarna toen Paus Benedictus XVI zich terug trok uit zijn ambt (wat op zich al heel bijzonder is). En beide keren moesten de grote getale toeristen wijken omdat de kardinalen in de Sixtijnse Kapel in conclaaf gingen. Ik stelde mij voor hoe dat zou moeten zijn als ik één van de hoge kerkleiders zou zijn. Ik zou denk ik hoofdzakelijk zitten te genieten van alle voorstellingen op het plafond en op de wanden. 

Waarschijnlijk zou ik mij tijdens een lang verblijf in de Sixtijnse Kapel gaan concentreren op allerlei details en achtergronden. Een scène die mij bijvoorbeeld altijd enorm aan het denken zet is het plafonddeel getiteld ‘De Schepping van Adam’. Wereldberoemd is dit geschilderde schouwspel. We zien God, die erg veel weg heeft van een ‘sinterklaasachtige’, vaderfiguur. Onder Zijn armen heeft God een vrouw. Zou dit de nog niet geschapen Eva zijn? En achter God zitten nog heel veel figuren, die beschermd worden door een groot doek. Dit moeten waarschijnlijk engelen zijn die God in de hemel vergezellen. Op een soort rots, op de aarde, ligt Adam, die een atletisch gespierd, klassiek lichaam heeft. God raakt met zijn wijsvinger dezelfde vinger van Adam aan; pling!


Tja, en nu roept alleen al de wijdverbreid genoemde titel vragen bij mij op. Er staat in alle kunstboeken ‘De Schepping van Adam’, maar ik zie toch echt op het kunstwerk dat Adam al lang en breed geschapen is, dus de titel klopt niet. Adam ligt nadat hij geschapen is een beetje loom op de grond. God geeft het reeds geschapen, doch nog levenloze lichaam van Adam door de vingertip een met verstand begiftigde ziel. Met andere woorden, door deze Goddelijke vonk kan de mens (althans de man) nadenken. Wat mij trouwens vervolgens enorm verbaast is dat er geen scène is op het zelfde plafond waarbij Eva na haar schepping ook een ziel met verstand krijgt. Typisch weer een mannenkunstwerk in een mannenbolwerk. 

 

Marcel Verhoeven, Stedenkenner 

verhoeven@kunststad.nl


De Vonk, detail van de Schepping van Adam (1509), Michelangelo Buonarroti, Sixtijnse Kapel, Vaticaan, Rome