A room with a view

Toen ik een jaar of twintig was en ik op het HBO een toeristische opleiding volgde, ging ik voor het eerst op kamers wonen in Amsterdam. Spannend om een eigen plekje in de grote stad te hebben. Na in een kleine ruimte te hebben gewoond op het Stadionplein in Zuid kwam ik terecht op de Brouwersgracht. Wat een fijne centraal gelegen locatie was dat! Midden in het centrum, heerlijk aan de grachten, alles wat ik nodig had bij de hand.

Ik woonde destijds bij een jongen in die de voorkant van de verdieping bewoonde en ik had de achterkamer tot mijn beschikking met een kleine keuken. We deelden de badkamer. Prima geregeld voor een jonge dame zou je zeggen, wat kon ik me nog meer wensen. Nou, er was wel iets dat ik op dat moment heel graag zou willen hebben, dat was namelijk een leuk uitzicht. Vanuit mijn kamer aan de achterkant van het huis keek ik namelijk op een blinde muur, zo’n tien meter van mijn raam verwijderd. Als ik bij het raam ging staan en omhoog keek kon ik nog wel net zien wat voor weer het was, maar daar moest ik wel moeite voor doen. De onderbuurman, die het kleine stukje grond beneden in zijn bezit had, werkte ook niet echt mee om het een gezellig aanzicht te geven, want hij liet er alleen maar rotzooi slingeren.


Tot mijn buurman op een dag een souvenir uit Engeland had meegenomen, dat hij waarschijnlijk op illegale wijze had bemachtigd. Het was een groot stedennaambord van de Engelse plaats Stratford-upon-Avon en deze werd door hem op de saaie buitenmuur bevestigd. Voortaan kon ik zeggen dat ik uitzicht had op de geboorteplaats van niemand minder dan de beroemde Engelse schrijver William Shakespeare, hoewel mijn zicht natuurlijk beperkt bleef. 

Door dit weinige uitzicht tijdens mijn studietijd ben ik me gaan realiseren hoe belangrijk dit is om je ergens prettig en aangenaam te voelen of juist niet. Als ik op reis ben hecht ik dan ook grote waarde aan waar de hotelkamer op uitkijkt. Zodra ik een kamer binnen stap loop ik direct naar het raam en doe vaak als eerste het gordijn of vitrage open om het zicht aan een inspectie te onderwerpen. 

Ik was dan ook weer helemaal gelukkig toen in van het weekend onze hotelkamer in Berlijn binnenstapte, die gelegen is aan de buitenzijde van het hotel. Hierdoor heb ik uitzicht op het voorgelegen park, dat schitterend is ook al zitten er nog geen blaadjes aan de bomen, en is het heerlijk zonnig in de kamer. Echt een genot. En trouwens ook de kamers die aan de achterzijde zijn gelegen hebben geen verkeerd zicht, namelijk op de vrij ruime hoteltuin. Dat is toch fantastisch als je je realiseert dat je je midden in Berlijn bevindt. 


Gelukkig mag ik regelmatig genieten van zo’n spectaculair uitzicht.

Zo had ik vanuit de kamer in het door ons geselecteerde hotel in Boedapest een prachtig blik over de Donau en zag ik niet alleen de beroemde rivier, maar ook aan de overkant de schitterende burchtheuvel, die ’s avonds prachtig verlicht was en waar je uren van kon genieten. Een adembenemend uitzicht op onder meer Times Squares Broadway had ik in New York vanuit mijn kamer op de vierenveertigste etage en genoot ik van ‘A City that never sleeps'. En laatst keek ik in Bilbao op het bekendste plein van de stad. Geweldig natuurlijk! Dus qua uitzicht-ervaringen mag ik zeker niet klagen.

Mijn motto is dat een hotelverblijf een totaalbeleving dient te zijn waarbij alles (zoveel mogelijk) dient te kloppen en dus ook het uitzicht vanuit je hotelkamer is hierbij een belangrijke factor.

 

Judith de Groot, HospitalityScanner

info@HospitalityScanner.com