‘Het is een vreemdeling zeker’

Vandaag is het zes december en ik besloot deze ochtend, tijdens mijn wandeling door een zonovergoten Valencia, met mijn dochters een speciaal bezoek te brengen aan de kerk die in deze grote Spaanse stad gewijd is aan Sint Nicolaas. Waarschijnlijk hebben vele Nederlanders de sint gisteren al een eerbetoon gegeven, op vijf december, tijdens onze traditionele pakjesavond. Het is vandaag echter zijn sterfdag en daarom een mooi moment om hier in Valencia bij de ‘San Nicolas’ kerk even stil te staan bij deze belangrijke christelijke heilige. Eenmaal aangekomen bij de ‘Iglesia de San Nicolás de Bari’, zoals deze kerk hier in Valencia officieel heet, was het een drukte van jewelste. Vele Spanjaarden uit de omgeving waren massaal naar de kerk, waar de goedheiligman wordt vereerd, toegekomen.

De Valenciaanse Sint Nicolaaskerk stamt uit de 13de eeuw en heeft allerlei verbouwingen en toevoegingen in de eeuwen hierna ondergaan. In de 15de eeuw was Alfons de Borja, een telg uit de beroemde Borgia-familie, rector van deze parochiekerk en hij schopte het later tot hoogste ambt in de katholieke kerk want hij werd namelijk Paus Calixtus III.


Terwijl ik in de overvolle kerk sta, zie ik overal beeltenissen van Sint Nicolaas en dit voelt, ondanks dat ik niet religieus ben, zeer vertrouwd. Dit prettige gevoel heeft natuurlijk alles te maken met het oeroude sinterklaasfeest, dat ik mijn hele leven vanaf mijn vroegste jeugd jaarlijks gevierd heb.

Verleden week had ik het in mijn wekelijkse Travel Tales al even heel kort over de huidige Nederlandse Sinterklaasviering en toen memoreerde ik er al even aan dat sommige mensen zich niet (meer) zo kunnen vinden in onder meer het hulpje van de sint en ook de christelijke uitdossing, zoals de mijter van de kindervriend, spreekt een groep Nederlanders niet meer zo aan.

Misschien heeft deze weerzin te maken met het feit dat de sinterklaastraditie niet bij iedereen die tegenwoordig in ons land woont zo algemeen geldend is en zelfs bij bepaalde bevolkingsgroepen grotendeels onbekend is. En dan zegt een oud Nederlands spreekwoord ‘onbekend maakt onbemind’.

Zouden de ‘tegenstanders’ wel alles weten over sinterklaas? Weet men bijvoorbeeld wel dat de historische figuur Nicolaas in eerste instantie zo’n 300 na Christus de bisschop van Myra in Klein-Azië was? En dat hij na zijn dood vanwege zijn goede daden heilig werd verklaard? Over Sint Nicolaas en zijn goede daden zijn, vanaf ongeveer 200 jaar na zijn dood, allerlei legendes en heiligenverhalen ontstaan.


Het begint met de geboorte van de kleine Nicolaas. Tijdens het wassen van de net gebaarde baby stond hij direct rechtop in het badje en dat is op zich al behoorlijk miraculeus. Ook weigerde hij enkele malen per week de moederborst en voldeed al vroeg aan de eisen van het vasten. Toen onze Nico eenmaal als volwassene zich volledig ging inzetten voor het Christendom, kwam hij op een dag langs een huis waar een berooide vader woonde die geen geld had voor een bruidschat voor zijn drie dochters. De vader overwoog om zijn dochters dan maar te laten prostitueren. Tja, daar moest Nicolaas wel een stokje voor steken en hij gooide een aantal avonden achter elkaar gouden munten het huis van de arme vader binnen. De dochters konden dankzij dit geschonken kapitaal toch huwen. Hier komt trouwens ons gebruik vandaan om met zilverpapier omhulde chocolade muntjes aan elkaar tijdens de sinterklaasdagen te geven. En het lied ‘Sinterklaas Goedheiligman’ is eigenlijk een verbastering van ‘Sinterklaas Goedhuwelijksman’.

Ook verscheen Nicolaas tijdens een storm op zee toen zeelieden hem in wanhoop aanriepen en hij wist de storm tot bedaren te brengen, hierdoor werd hij de beschermheilige van de zeemannen en ook van de havensteden zoals Amsterdam.

En dan is er tenslotte het verbazingwekkend wonder dat bisschop Nicolaas drie jonge studenten weer tot leven opwekte, nadat zij in eerste instantie door een wrede herbergier vermoord waren, in stukken gehakt en in een ton met pekel waren gestopt. Deze jonge jongens werden in de kunst soms zo klein uitgebeeld dat het voor de toeschouwers soms net kleine kinderen leken en voila de kindervriend zag op die manier het levenslicht.

Sinterklaas is dus onder meer door al de bovenbeschreven wonderen de bescherm- of patroonheilige van huwbare vrouwen, zeelieden, studenten en kinderen. Het is dan ook eigenlijk "Sinterklaas patroontje" in plaats van "Sinterklaas kapoentje" zoals men abusievelijk in het kinderliedje zingt.

De wonderlijke daden zijn trouwens regelmatig uitgebeeld zoals bijvoorbeeld op 15de  eeuwse panelen van Gerard David die zich in de National Gallery of Scotland in Edinburgh bevinden.

Maar dit is slechts een kleine deel van de christelijke uitleg van onze Sinterklaastraditie, er blijkt ook nog een andere theorie te zijn, waarbij Sinterklaas zoals wij hem nu kennen - de eerbiedwaardige, bejaarde kindervriend uit Spanje, die brave kinderen beloont en stoute straft, die geholpen door een of meer donkere knechten, die op een schimmel over de daken rijdt en via de schoorsteen of open raam of deur lekkers en speelgoed uitdeelt schijnt eigenlijk een samensmelting te zijn van twee personen: een christelijke, historische heilige en een Germaanse, mythologische God.

Onze Germaanse Oppergod Wodan (in Scandinavië ook wel Odin genoemd), die een grote weelderig witte baard had en met het woeste paard genaamd Sleipnir langs de hemel en over de daken reed, werd in de Christelijke tijd getemperd en gefatsoeneerd. In plaats van een bliksemschicht kreeg hij een kromstaf in zijn hand. En Sleipnir werd vervolgens zijn rustige trouwe schimmel die nog slechts over de daken trippelde. En de twee donkere hulpjes van Wodan, namelijk de zwarte raven Huginn en Muninn, die altijd voor de Germaanse god aan de schoorstenen luisterde, ondergingen een metamorfose en werden de vriendelijke zwarte pieten met dezelfde taak. 


Maar al deze achtergronden van het Sinterklaasverhaal eventjes aan mijn twee jonge dochters uitleggen terwijl we hier in een drukke Sint Nicolaaskerk in Valencia staan leek mijn geen goed idee en daarbij het werd het ook  al geen makkelijk taak voor mij vandaag om aan hen te vertellen dat Sinterklaas eigenlijk uit Spanje komt en elk jaar helemaal met een stoomboot naar Nederland vaart. “Maar….. papa we zijn nu toch in Spanje? En waar is sinterklaas nu dan?”. Als uitvlucht probeerde ik een afleidingsmanoeuvre en wees ik op de talrijke goed gevulde sinaasappelbomen hier in Valencia en zei “kijk, ‘appeltjes van oranje’”.

 

Marcel  Verhoeven, Stedenkenner

 

verhoeven@kunststad.nl


Wilt u meer blogs lezen van Stedenkenner Marcel Verhoeven? Klik hier rechts dan op het 'Stedenkenner' logo.