In een hotel voel ik me lekker

Terwijl ik in de lobby van mijn hotel hier in Berlijn zit, denk ik terug aan de periode dat ik hier meer dan een half jaar ‘gewoond’ heb. De trouwe lezers van mijn Travel Tales weten hoe ik deze tijd heb ervaren want vanaf het moment dat ik mij in dit hotel installeerde, begin juni 2014, zijn we begonnen met het schrijven van een wekelijkse blog, die wij aan alle geïnteresseerden per e-mail toesturen. Al meer dan drie jaar vertel ik over mijn (reis)belevenissen waarbij de nadruk ligt op de hospitality en mijn langdurig verblijf in dit hotel heeft daar ook een rol in gespeeld. Mijn grote kennis en ervaring in de hospitality is trouwens gebaseerd op bijna vijfentwintig jaar reiservaring waarbij ik heel veel hotels in allerlei soorten en maten heb mogen aanschouwen en heb mogen meemaken. Eén conclusie die ik inmiddels heb mogen trekken is het feit dat het ideale hotel niet bestaat. Zijn bijvoorbeeld de kamers in mijn ogen perfect, dan is het personeel weer niet helemaal zoals ik zou willen. En andersom komt het ook voor want soms ontmoet ik zulke aardig hotelmedewerkers inclusief een sympathieke directeur en dan blijkt dat ik weer veel op- en aanmerkingen heb op het interieur en op het hotelgebouw. En als die beide zaken redelijk in overeenstemming zijn dan blijkt de buurt waar het hotel ligt of het uitzicht niet om naar huis te schrijven te zijn. 


En zo is er altijd wel wat, maar….. ondanks mijn kritisch houding kan ik toch erg genieten van mijn talrijke hotelverblijven. Het is voor mij en mijn gezin inmiddels een way of live geworden en we denken wel eens na hoe het zou zijn als we zelfs de eigenaar van een hotel zouden zijn.

Om terug te komen op mijn huidige viersterrenhotel hier in Berlijn, kan ik zeggen dat ik hele speciale herinneringen heb aan een aantal jaar geleden. Dit was namelijk ook de plek waar ik in eerste instantie de laatste maanden van mijn zwangerschap van mijn inmiddels driejarige Chloé meemaakte. Op een kleine loopafstand van dit hotel lag het ziekenhuis waar Chloé het eerste levenslicht zag en nadat ik een paar dagen in het moderne Krankenhaus Friedrichshain had gelegen om bij te komen van de bevalling (dat is gebruikelijk in Duitsland) was ik zo gelukkig toen ik terug kwam in ‘mijn hotel’. Ik realiseerde me dat gastvrijheid in een hotel toch van een hele andere orde is dan in een ziekenhuis. Allereerst heb je in een hotelkamer vanzelfsprekend privacy en dat is een ziekenhuis niet het geval. Toch wel vreemd om met andere mensen op een kamer te slapen en vooral als je al niet in topconditie bent. 


Daarbij is het ook wel raar als verplegend personeel vaak met veel lawaai, soms midden in de nacht, de ziekenhuiszaal binnen komen. Je zou je moeten voorstellen dat deze zaken je overkomen in een hotel, dan zou je meteen de volgende dag bij de receptie staan om uit te checken en nooit meer terug te komen. En wat dan te zeggen van het interieur van een ziekenhuis, die is wereldwijd bijna overal even steriel en onpersoonlijk, terwijl in bijna elk hotel getracht wordt om je ‘thuis’ te laten voelen. Ik begreep toen ik de ziekenhuisrekening zag dat mijn slaapplek aldaar bijna vijf keer zoveel kostte als het luxueuze appartement in mijn  hotel en voor de goede orde dan heb ik het niet over de kosten voor de artsen en/of medische behandelingen. Ik vraag me wel eens af waarom een ziekenhuis er niet zo uit zou kunnen zien als een hotel, met dezelfde luxe en comfort. Volgens mij komt dat ook de genezing en gemoedstoestand van de patiënten ten goede. Maar misschien ben ik de enige die over deze tak van de hospitality zo denkt. 

 

Judith de Groot, HospitalityScanner

info@HospitalityScanner.com 



Wilt u meer blogs lezen van HospitalityScanner Judith de Groot? Klik hier rechts dan op het 'Stedenkenner' logo.