De Nachtwacht is incompleet

Net als verleden week wisselen in Amsterdam ook deze week de zonnige momenten zich af met stevige regenbuien en daarom koos ik ervoor om op de vele natte ogenblikken van de dag gewoon weer eens lekker een boek te gaan lezen. Er liggen bij mij thuis noch talrijke exemplaren ongelezen te wachten en terwijl ik langs mijn boekenplanken dwaalde, viel mijn oog op de welsprekende titel ‘De Restauratie’.
Op de voorkant van dit boek staat De Nachtwacht en de titel in combinatie met de afbeelding laat dus niets aan de verbeelding over. Ik vermoedde al dat dit boek over iets ingrijpends met betrekking tot één van onze belangrijkste, zo niet het belangrijkste, kunstwerk uit onze Nederlandse kunstcollectie zou gaan. En inderdaad, al lezend kwam al vrij vlot aan de orde dat aan het begin van de achttiende eeuw, om precies te zijn in 1715, De Nachtwacht verplaatst is van
de Kloveniersdoelen naar het Amsterdamse stadhuis, thans het huidige paleis op de Dam.

Van het moment dat Rembrandt dit meesterwerk afrondde in 1642 tot 1715 hing het beroemde doek in de grote feestzaal van de Kloveniersdoelen aan de Amsterdamse Nieuwe Doelenstraat. 


Toen was de afmeting van het doek ongeveer 5 meter bij 3,87 meter. De plek waar De Nachtwacht in het stadhuis zou komen te hangen, namelijk in een zaal tussen twee deuren, was een stuk kleiner dan de plaats waar hij oorspronkelijk hing. Men besloot toen om De Nachtwacht aan te passen aan zijn nieuwe omgeving en dat betekende dat er aan de linkerkant een enorme reep van het imposante schilderij moest worden afgesneden en ook een deel van de bovenkant was het zelfde lot beschoren. De Nachtwacht die wij tegenwoordig in het Rijksmuseum kunnen bewonderen is dus een gekortwiekte versie die ontstaan is na deze verhuizing.

Sinds de negentiende eeuw vraagt men zich af wat er met de twee enorme repen canvas die na de verkleining overbleven is gebeurd. Zou de man die deze ingrijpende handelingen heeft uitgevoerd de stukken gewoon bij het grof vuil hebben gezet? Of zag men toen ook wel de waarde van deze restanten in en heeft men het beschilderde linnen van de beroemde meester opgerold en ergens op een zolder van één van de vele grachtenpanden neergelegd? Of heeft men het lange repen doek in handzame stukken gesneden en hebben achttiende eeuwse schilders dit hergebruikt om kleinere schilderijen op te zetten? 


Van het laatste gaat de schrijver van mijn genoemde boek uit en hij schreef er een boeiend stukje fictie over met als uitgangspunt een aantal voldongen feiten, waarvan ik hierboven al enige genoemd heb.

We weten overigens precies hoe het originele werk van Rembrandt eruit zag dankzij het feit dat kapitein Frans Banninck Cocq, die prominent samen met zijn collega luitenant Willem van Ruytenburgh op De Nachtwacht staat, direct in zijn tijd al een (kleine) kopie heeft laten schilderen door de zeventiende eeuwse schilder Gerrit Ludens. Dit schilderijtje hangt tegenwoordig enkele meters van het bekende topwerk op de Nachtwachtzaal van het Rijksmuseum.

Met mijn dochters besloot ik daarom enige dagen geleden, toen de straten in Amsterdam weer een beetje opgedroogd waren, naar het Rijksmuseum te gaan om eens te gaan kijken hoe het meesterwerk er oorspronkelijk uit gezien moest hebben en hoe hij er tegenwoordig bij hangt. Met Alizia en Chloé naast mijn zijde liepen we van het gekopieerde werk van Ludens naar het origineel van Rembrandt en weer terug. 

We herhaalden dit ritueel enkele keren en kwamen erachter dat er ooit aan de linkerkant op de echte Nachtwacht twee extra schutters stonden. Ook had de man met de helm aan de linkerkant nog een enorme veer op zijn hoofddeksel die nu door de afsnijding verdwenen was. De kruitjongen, eveneens links, steunde ooit met zijn handen op de leuning van een brug, die eveneens niet meer te zien is. We kwamen er achter dat kapitein Frans Banninck Cocq en luitenant Willem van Ruytenburgh eigenlijk het schilderij ‘in kwamen gelopen’ terwijl ze nu heel statisch in het midden van het beroemde werk staan. Ook de poort waar het hele gezelschap onder staat is door de verdwijning van het bovenstuk grotendeels verdwenen en dus de hele entourage waar de hele schuttersgroep stond is geheel veranderd door de achttiende eeuwse verkleining van het werk.


In het genoemde boek dat ik las weten de hoofdpersonen een groot deel van de verdwenen gedeeltes weer terug te vinden en dat leidt zoals de boektitel al aangeeft tot een drastische restauratie van De Nachtwacht naar zijn oorspronkelijke formaat. Om het boek spannend te maken heeft de auteur het in een soort detective-stijl geschreven en elk hoofdstuk gebeurt er wel weer iets spannends in de zoektocht naar de verdwenen Nachtwachtstukken.

In werkelijkheid heeft men helaas (nog) niet kunnen achterhalen waar de ontbrekende delen van De Nachtwacht ooit gebleven zijn. Het is een mysterie of ze überhaupt nog bestaan. Het zou echt wereldnieuws zijn als daadwerkelijk de verloren linnendelen gevonden zouden worden. Misschien toch eens een reden voor mij om hier wat meer onderzoek naar te doen, want ook de vinder zou direct wereldberoemd zijn. Laat ik maar eens beginnen met mijn zolder opruimen, misschien kom ik een aanwijzing tegen.

 

Marcel  Verhoeven, Stedenkenner

verhoeven@kunststad.nl


Wilt u meer blogs lezen van Stedenkenner Marcel Verhoeven? Klik hier rechts dan op het 'Stedenkenner' logo.