Vluchten kan nog

Na mijn verschillende Travel Tales van de afgelopen tijd over geluidsoverlast kreeg ik van de week de vraag of er ook zoiets als functionele ‘geluidsoverlast’ in hotels bestaat. En mijn antwoord hierop was bevestigend en ik wees vervolgens op het brandalarm.

Toevalligerwijs werd ik aan dit fenomeen afgelopen week herinnerd toen ik zat de werken in de lobbybar van het luxueuze Amsterdamse Conservatoriumhotel. Terwijl ik in opperste concentratie achter mijn computer zat werd ik verrast door een hard toeterend geluid. Ik schrok eventjes en realiseerde me al snel dat dit met grote waarschijnlijkheid het brandalarm van het hotel was. Ik wilde al bijna mijn spullen bij elkaar zoeken om naar buiten te lopen. Het hotelpersoneel informeerde echter alle gasten al snel dat er gelukkig niets aan de hand was en dat het slechts om een oefening ging.


Verscheidene malen heb ik dit soort brandmeldingen tijdens mijn talloze hotelverblijven meegemaakt. Soms werd het van te voren aangekondigd dat er een brandoefening voor een betreffende dag stond gepland en dan was ik er op voorbereid dat het alarm zou afgaan. Als men dit soort calamiteitenoefeningen midden op de dag doet (als veel hotelgasten op pad zijn) en men het van te voren aankondigt dan heb ik hier absoluut geen moeite mee en juich ik dit zelfs toe, want ik vind namelijk dat veiligheid nummer één moet staan in een kwaliteitshotel.

Toch heb ik ook wel eens brandalarmmomenten meegemaakt die niet aangekondigd waren en waarbij het personeel ook niet direct kon inschatten of er daadwerkelijk sprake was van vuur en rookontwikkeling. In zo’n geval dient iedereen zo spoedig mogelijk het hotel te verlaten. Hiervan was bijvoorbeeld eens sprake toen ik in het karakteristieke Radissonhotel op de Royal Mile in Edinburgh verbleef. Rond een uur of half twaalf ‘s avonds werden wij opgeschrikt door het loeiende fire-alarm en toen we onze hotelkamerdeur open deden zagen we medewerkers van het hotel door de gangen lopen die meedeelden dat we met spoed doch kalm uit het hotel dienden te evacueren.


"Geschrokken, oververhit en hoogzwanger begaf ik mij snel lopend door het trappenhuis zesendertig verdiepingen naar beneden".



Omdat wij altijd vrij laat opblijven hadden wij onze kleren nog aan en konden we zo uit onze kamer weglopen. Aangezien we slechts twee kleine koffertjes bij ons hadden ritsten we die vlot dicht en wandelden we in een rap tempo de trap af (een lift mag je zoals bekend in zo’n geval niet gebruiken). Buiten stonden inmiddels allerlei hotelgasten en aangezien het een beetje fris was besloten wij aan de andere zijde van de beroemde hoofdstraat in een typische Schotse Pub te gaan zitten. We hadden vanuit deze plek een prima uitzicht op ons hotel en konden zo goed zien wat de inmiddels met harde sirenes gearriveerde brandweer aan het doen was. Het meest opvallend was dat enkele hotelgasten schijnbaar in lichte paniek direct vanuit hun bed het hotelgebouw hadden verlaten, want sommige mensen stonden in hun pyjama op straat en er stond zelfs een man in zijn onderbroek. Een beetje gênant vond ik dat en het verbaasde me dat het hotelpersoneel deze mensen geen dekens kon uitdelen of op een ander plekje opving, bijvoorbeeld in een horecazaak aan de overzijde.


Zoals je waarschijnlijk al vermoedde was het vals alarm en konden we na middernacht allemaal weer terug naar onze kamers, maar het was wel een belevenis die ik me nu nog steeds herinner. 

Een tweede voorval dat ik tenslotte in dit kader wil noemen deed zich tweeënhalf jaar geleden in Berlijn voor. We verbleven met de hele familie in een prachtige kamer op de zesendertigste verdieping. Wij boekten deze kamer wel eens voor het fantastische uitzicht over mijn geliefde stad. Marcel was met Alizia buiten aan het wandelen en vanwege mijn zwangerschap, ik was in blijde verwachting van Chloé, had ik besloten om even te gaan rusten. Op een gegeven moment schrok ik echter door een luid lawaai wakker, waarbij ik in eerste instantie dacht dat mijn mobieltje overging. Nee, die lag stil naast mij. Was het dan de vaste hoteltelefoon, maar ook die stond roerloos op het bureau. Het volgende dat in mijn gedachten kwam was dat het alarm in mijn eigen kamer afging en ik ging op het bed staan om de detector te inspecteren. 


Dit alles deed ik terwijl mijn hart in mijn keel klopte van de schrik. Na een tijdje begon het tot mij door te dringen dat wat ik hoorde het algemene brandalarm was in het hotel en dat ik dus als de wiedeweerga naar beneden moest gaan.

De liften waren buiten werking gesteld en die was ik sowieso niet van plan te gaan gebruiken. Stel je toch voor dat er echt brand is en je zit vast in een lift! En zo belandde ik in het trappenhuis van het hoogste hotel van Berlijn om daar mijn tocht van 36 verdiepingen naar beneden te gaan inzetten. Ik kwam al vrij vlot meerdere hotelgasten tegen. Gelukkig was niemand in paniek maar iedereen liep wel vrij vlot door. Vanwege mijn vergevorderde zwangerschap kon ik slechts met een rustig tempo naar beneden schrijden, hoewel ik toch niet sneller had gekund door het grote aantal mensen dat inmiddels voor mij liep. Het duurde uiteindelijk 20 minuten om in de hotellobby aan te komen. Achteraf vind ik dat toch wel schrikbarend dat je er zo lang over doet om je hotel te verlaten. En jawel! Er bleek uiteindelijk toch niets aan de hand te zijn. Het was loos alarm en ik kon gelukkig de lift weer terug naar de zesendertigste verdieping nemen. Toen ik de minuten daarna nog een beetje lag uit te hijgen op bed kwam Marcel binnen die van het hele voorval niets had meegekregen. Met verbazing keek hij naar mijn vermoeide blik en nadat ik hem mijn relaas vertelde begreep hij mijn vermoeidheid. Dit keer was ik toch minder blij met een valse brandalarm.

Ondanks alle onnodige keren dat ik in hotels opgeschrikt werd door brandalarmgeluiden stelt het me toch enorm gerust dat er op die manier over mijn veiligheid wordt gewaakt.

 

Judith de Groot

degroot@hospitalityscanner.nl

Klik op de afbeeldingen in het verhaal om ze te vergroten.