Spaanse Brabanders

Tijdens deze winterperiode heb ik in Amsterdam weer even tijd om een aantal tentoonstellingen in onze hoofdstad te bezichtigen. Ik besloot daarom om afgelopen zondag voor de tweede maal naar de expositie van ‘De Spaanse Meesters’ in de Hermitage aan de Amstel te gaan. Samen met mijn twee dochtertjes Alizia en Chloé toog ik naar het voormalige Amstelhof, waarin ooit (sinds 1681) hulpbehoevende bejaarden woonden en waar sinds 2009 een schitterend museum is gehuisvest.
Alizia van tweeënhalf had ik verteld dat we schilderijen van Picasso gingen bekijken want die zijn een onderdeel van de genoemde tentoonstelling. Zij weet op haar jonge leeftijd al wie Picasso is want zij heeft inmiddels al in allerlei musea in Europa werk van hem gezien en in Málaga, waar wij vorig jaar geregeld zijn geweest, heeft zij meerdere keren op een bankje naast een levensgrote Picasso gezeten. Het was weliswaar de bronzen versie van de vermaarde kunstenaar, maar dat heeft toch veel indruk op Alizia gemaakt.

Mijn dochters hadden besloten om zelfstandig over de tentoonstelling te gaan lopen en zij stapten dus uit de kinderwagen, die ik vervolgens in de garderobe moest parkeren. Chloé, die nog geen anderhalf jaar oud is, wandelde parmantig langs de schilderijen, maar ik moet haar altijd wel een beetje begeleiden, want anders ben ik haar op een gegeven moment kwijt tussen de vele bezoekers.

In eerste instantie krijg je als belangstellende op de expositie een introductie over de aanvang van de Spaanse kunst. Er wordt uitgelegd dat door toedoen van de bekende Spaanse koning Filips II veel belangrijke kunstenaars in die tijd opdrachten kregen om het paleizencomplex El Escorial, die de koning liet bouwen, te komen decoreren. Ook werd op de expositie duidelijk gemaakt waar al die rijkdom vandaan kwam, namelijk doordat de Spanjaarden in de nieuw veroverde koloniën veel buit maakten en dat zorgde er weer voor dat de Spaanse kunst in die tijd kon floreren.

We wandelden aan werken van beroemde Spaanse Meesters waaronder El Greco, Ribera, Ribalta, Zurbarán, Velázquez en Murillo voorbij. De genoemde kunstenaars waren beïnvloed door de Italiaanse kunst en met name de ideeën van Caravaggio waren belangrijk en die zijn dan ook duidelijk aanwezig in de getoonde doeken.

 

Natuurlijk is het een genoegen om schilderijen van de grote Spaanse Barokke meester Velázquez hier in Amsterdam te zien. Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat wat Rembrandt was voor Amsterdam en Nederland in de 17de eeuw, dat was Velázquez voor Spanje. Misschien wordt het tijd om eens een grote overzichtstentoonstelling te organiseren waar topwerken van beide schilders getoond worden.

De Hermitage-expositie gaat vervolgens verder met nog wat werken van Goya, die helaas geen toppers zijn en ook krijg je daarna nog wat schilderijen van onbekende meester met als thema het stierenvechten. Dit Spaanse gebruik wordt ook nog eens getoond in een videofilm die in dit deel van het museum wordt afgespeeld. Ik vraag me af wie in Nederland het mishandelen van een stier nou leuk vindt?

Inmiddels waren we op de allerlaatste zaal aanbeland en daar hangt een enorme foto van Pablo Picasso die de hele wand vult. Alizia herkende hem direct en schreeuwde uit volle borst: ‘Piecassooo!’.
Er hangen overigens slechts twee werken van de bekendste kunstenaar die Spanje ooit heeft voortgebracht, maar dit zijn nou niet echt hoogtepunten uit Picasso’s carrière. Ter aanvulling heeft men in een vitrinekastje ook nog wat keramiek dat door Picasso gedecoreerd is neer gezet. Helaas, als je speciaal voor Picasso naar de tentoonstelling over de Spaanse Meesters komt dan kom je van een koude kermis thuis.

Op de plek waar de tentoonstellint eindigt klinkt nog typische Spaanse gitaarmuziek en ik dacht aan de woorden van mijn vader die oorspronkelijk uit Tilburg kwam: “Jongen, wij zijn eigenlijk Spaanse Brabanders”. Wellicht doelde mijn pa hiermee een beetje komisch op de zinsnede uit het blijspel van Brederode, maar ik geloofde altijd echt dat ik Spaanse wortels had. Gek genoeg voel ik me ontzettend thuis in Spanje en gelukkig duurt het nog maar twee weken en dan ben ik weer in het Zuid-Spaanse Málaga.

 

Marcel Verhoeven, Europakenner

verhoeven@kunststad.nl