Meisjes die kunnen schilderen

In Berlijn zag ik anderhalf week geleden in de Gemäldegalerie een prachtig schilderij van de 17de eeuwse schilderes Judith Leyster (1609-1660). Het werk was getiteld “Vrolijke man met een tinnen kan en een pijp” en het schilderij toonde meteen aan dat Judith een echte fameuze schilderes van genrestukken was. Dit komt onder andere ook goed tot uitdrukking in verschillende andere schilderijen van haar hand waar vrolijke heren op staan afgebeeld die een drankje drinken, pijp roken of muziek maken.

In het Rijksmuseum, waar ik vervolgens afgelopen week weer eens op ontdekkingstocht ging, trof ik twee soortgelijke genrestukken van Judith Leyster aan, namelijk twee maal een heer die op een luit aan het spelen waren.

Judith Leyster is een bijzonder kunstenares want zij was één van de weinige vrouwelijke schilders ten tijde van onze Gouden Eeuw. Zij werd in die tijd zelfs uitgeroepen tot ‘Meesterschilder’ wat haar het recht gaf een eigen schilderswerkplaats te openen en leerlingen aan te nemen.

 

Er wordt vanwege de thematiek van haar werken en ook door haar schilderstijl en techniek gedacht dat zij een leerling is geweest van de beroemde Haarlemse portretschilder Frans Hals. Echter er wordt ook gesuggereerd dat zij tijdens haar verblijf in Utrecht contact heeft gehad met de Caravaggisten Hendrick ter Brugghen en Gerard van Honthorst. Dit zou verklaren waarom zij op een aantal van haar werken het typische Claire Obscure en de daarbij behorende schaduwwerking gebruikt.

Een prachtig werk van haar is een zelfportret waarbij zij in een fraaie jurk met brede witte kante kraag aan het schilderen is. Op de schildersezel voor haar zie je dat Judith bezig is met wederom een vrolijke musicerende man die helemaal past binnen haar oeuvre.

Judith Leyster trouwde in 1636 met een collega schilder Jan Miense Molenaer en zij kregen vijf kinderen. Na haar trouwdatum zijn er eigenlijk geen schilderijen meer van Leyster bekend en dat betekent dus waarschijnlijk dat zij vanaf dat moment gestopt is met schilderen en zich is gaan toeleggen op de verzorging van haar kroost.

 

Het is eigenlijk best wel jammer dat door het huwelijk en de komst van de kinderen Judith haar schilderskwasten en de schildersezel in de wilgen moest hangen. Eigenlijk wel een herkenbaar keuze, want nog niet eens zo heel lang geleden deden bijna alle werkende vrouwen in onze moderne maatschappij hetzelfde wat Judith in de 17de eeuw deed. En zelfs vandaag de dag kiezen veel vrouwen ervoor om geheel te stoppen of minimaal om part-time te gaan werken als de kinderen op komst zijn.     

Zou het huwelijk en de verzorging van de kinderen ook de reden zijn dat er zo weinig vrouwelijke kunstenaars zijn in de kunstgeschiedenis? Of zijn hier andere oorzaken hiervoor? Hadden vrouwen minder artistiek talent? Of konden vrouwen wel schilderen maar mochten ze gewoonweg niet van de (mannen)maatschappij? Dit zijn interessante vragen om eens bij stil te staan en dat doe ik graag tijdens een tweedaagse cursus in mei van dit jaar.

Ik zal dan ook met veel genoegen verscheidene andere vrouwelijke kunstenaars en hun vaak schitterende werken bespreken. Een collega-schilderes van Judith Leyster die ik in dit kader bijvoorbeeld nog graag wil noemen is Rachel Ruysch (1664-1750) die een paar jaar na de dood van Judith werd geboren en die aan het eind van de 17de eeuw veel roem kreeg met haar prachtige bloemstillevens. Ook Rachel trouwde met een collega-schilder Jurriaen Pool, echter dit betekende gelukkig niet het einde van haar schilderscarrière. De reden hiervoor kan zijn dat Rachel de dochter van een beroemde en vermogende anatoom Frederik Ruysch was en dat er wellicht voor zorgde dat zijn dochter Rachel hulp had in de huishouding en zij dus gewoon door kon schilderen.

Vermogend zijn is trouwens toch wel handig voor een vrouw, en natuurlijk ook voor een man, om zelfstandig te zijn en te doen wat je leuk vindt. Bij Rachel Ruysch is in dit kader nog wel heel aardig om te vermelden dat zij in 1723 de hoofdprijs van de Staatsloterij wonnen die bestond uit 60.000 gulden, wat een enorm bedrag was in die tijd. Rachel bleef mede hierdoor schilderen tot haar dood op 84-jarige leeftijd.

Zogezegd valt er heel wat te vertellen over vrouwen in de kunstgeschiedenis en dat doe ik graag tijdens mijn tweedaagse cursus die zal plaats vinden op vrijdag 20 mei en zaterdag 21 mei 2016 (klik hier voor meer informatie)

           

Marcel Verhoeven, Europakenner

verhoeven@kunststad.nl