Een grote bontgekleurde stoet

Marcel voor twee donkere poppen die deelnemen aan de processie in Valencia
Marcel voor twee donkere poppen die deelnemen aan de processie in Valencia

Zoals je de afgelopen weken in mijn Travel Tales kon lezen, vertoef ik al enige tijd in Spanje en geniet daar van de prachtige kunst en cultuur. Natuurlijk zijn er talloze musea waar ik als kunstliefhebber mijn hart kan ophalen, maar bijzondere evenementen trekken ook altijd mijn aandacht. Een buitengewone happening, die op 4 juni in talrijke Spaanse plaatsen gevierd werd, is het zogenaamde “Corpus Christi”, een katholiek feest dat in het Nederlands ‘Sacramentsdag’ heet, maar waarschijnlijk als feestdag niet zo bekend is.

Dit religieuze feest wordt in Spanje daarentegen behoorlijk uitbundig gevierd en is van een feestdag uitgegroeid tot een feestweek waaraan allerlei festiviteiten gekoppeld zijn. Zo liep men enige dagen voordat de feitelijke dag van “Corpus Christi” zou plaats vinden in Granada al in processie rond met het levensgrote beeld van de plaatselijke Heilige Madonna. Voorafgaande door een drumband en verkleedde inwoners tilt men de sculptuur van Maria op een baar hoog boven de toeschouwers uit. Ik begreep dat het de bedoeling was dat zij elke dag van deze belangrijke week een andere stadswijk in Granada een bezoek zou brengen. Met Alizia op mijn schouders keken we beiden onze ogen uit naar dit hele spektakel.

Vervolgens zagen we enige dagen later hoe de inwoners van Málaga zich ook aan het opmaken waren voor het feest rond “Corpus Christi”, bij talrijke huizen in het oude centrum werden de balkons versierd met grote kleden en velours gordijnen. Sommige balkonnetjes hadden de uitstraling alsof ze een miniuitvoering van het beroemde bordes bij de Sint-Pieter in Rome waren en elk moment de paus in Málaga op zo’n plek naar buiten zou kunnen stappen.
Ook het balkon van het bisschoppelijk paleis, naast de kathedraal van Málaga, was versierd en op deze plek stond een Piéta-beeld van de Maria met de overleden Christus op haar arm. Terwijl ik met Alizia er naar keek merkte zij op dat het net mama was en inderdaad het gezicht van deze Madonna had erg veel weg van Judith. 

Op de uiteindelijke dag van “Corpus Christi” waren wij in de stad Valencia aanbeland en we keken er niet van op dat ook deze stad in het teken stond van deze religieuze feestdag. Een aantal praalwagens, die met de belangrijke processie aan het begin van de avond mee zou rijden, stond al opgesteld om bewonderd te worden op het Plaça de la Verge. Sommigen van deze wagens bleken behoorlijk oud en er kwam er zelfs eentje uit de zeventiende eeuw. Poppen van heilige figuren sierden deze opmerkelijke karren, zo was er bijvoorbeeld een wagen met Jezus Christus gezeten naast God de Vader, op deze wagen hadden ook Adam en Eva een plek gekregen. ’s Avonds was het de bedoeling dat deze wagens een onderdeel van een enorme processie zouden zijn. Toen dit moment aanbrak zag ik ze inderdaad voorbij komen gecombineerd met een lange bonte stoet met verschillende groepen mensen steeds ervoor en erachter. Kinderen die voordurend, na elke 20 meter, een dansje opvoerden, volwassenen die grote ‘mombakkesen’ op hadden en waar ik Moren en Arabische figuren in kon herkennen. Op een gegeven moment kwam meneer pastoor voorbij op een klein paardje, wat de optocht steeds meer op een scène uit een schilderij van Jeroen Bosch deed lijken. Vervolgens kwamen allerlei mensen voorbij die zich verkleed hadden als belangrijke figuren uit de Bijbel; Daniel uit de leeuwenkuil, Judith met het (kunst)hoofd van Holofernes, De Drie Koningen, Maria met het kindje Jezus enzovoort. Ook werd er geregeld snoep uitgedeeld wat het jonge publiek uiterst alert hield tijdens deze processie. Ik had dit snoep uitdelen een half jaar eerder tijdens de grote Drie Koningenoptocht in Valencia ook al eens meegemaakt en tijdens dit festijn op 6 januari werd qua verkleedde figuren ook al kosten nog moeite gespaard.

Het uiteindelijke hoogtepunt van de sacramentsprocessie door de straten van Valencia op deze 4 juni zou het moment zijn dat de heilige hostie, geplaatst in een monstrans, zou passeren. Je merkte aan de gelovige toeschouwers dat de spanning steeg en ook begon je langzaam de wierooklucht te ruiken dat dit deel van de optocht begeleidde. En toen was het moment daar, hoog in de lucht, wederom op een soort draagbaar podium, stond de grote zilveren monstrans waar je in het midden de geconsacreerde heilige hostie kon zien zitten. Misschien ten overvloede kan ik vertellen dat katholieken geloven dat Jezus Christus in de vorm van brood (‘de hostie’) zich aan de gelovigen heeft en op deze manier Jezus nog steeds onder ons zou zijn. Vol verwondering sloeg ik met name dit laatste hoogtepunt van de Valenciaanse sacramentsprocessie gaande. Opmerkelijk was namelijk het feit dat de monstrans omringd werd door echte militairen die hun machinegeweren in de aanslag hadden. Het was dus schijnbaar noodzakelijk om dit ‘heilige object’ goed te beschermen.

De volgende dag bezocht ik het Fallas museum in Valencia en kwam erachter dat de Valencianen echt verzot zijn op optochten. In dit museum worden kunstig gemaakte historische poppen tentoongesteld die gebruikt zijn bij de jaarlijkse (niet-religieuze) optocht tijdens de zogenaamde Fallasfeesten. ‘Las Fallas’ zijn feestweken die begin maart in Valencia plaatshebben en waarbij men enorme poppen maakt zoals we die in een ander deel van Europa kennen bij het Carnaval. De meeste poppen hier in Valencia worden verbrand op de laatste feestavond van ‘Las Fallas’. De Fallaspoppen in dit museum zijn aan de zogenaamde ‘La Crema’ ontkomen en zijn zeer de moeite waard om te bewonderen.

 

Marcel Verhoeven 

Europakenner