Uilen naar Athene dragen

Afgelopen week verbleef ik in Athene. Nadat ik de week daarvoor nog in Bratislava en Wenen vertoefde, was mijn aanwezigheid in de Griekse hoofdstad weer een hele andere gewaarwording.

Elke stad heeft natuurlijk zijn charme en zijn specifieke kunstschatten. In Athene kom je letterlijk en figuurlijk niet om de Acropolis heen. Deze beroemde heuvel in de stad met daar bovenop het wereldberoemde Parthenon is echt hét kenmerkende icoon van de Griekse hoofdstad. Vanuit bijna overal in de stad zag ik dit monument opdoemen, heel indrukwekkend! ’s Avonds is de Acropolis overigens prachtig verlicht. Het is dan zaak dat je een goed Grieks restaurant vindt met uitzicht op dit archeologisch monument. Dit heb ik natuurlijk verschillende keren gedaan. Ik zal onderaan deze blog voor de geïnteresseerden een aantal goede restaurants noemen met uitzicht op het Parthenon, en waar het eten natuurlijk ook op niveau is.

Waarvandaan je ook een fenomenale blik op de Acropolisheuvel hebt is vanaf het terras van het gelijknamige museum. Het Acropolismuseum is een nieuw museumgebouw dat geopend is in de zomer van 2009 en dat het oude, veel te kleine, Acropolismuseum moest vervangen. De Zwitserse architect Bernard Tschumi, die zijn sporen inmiddels in architectuurgeschiedenis succesvol heeft nagelaten waaronder met de bouw van het befaamde Parc de la Villette in Parijs , werd gevraagd om een groot en imponerend kwaliteitsmuseum neer te zetten. Hierin is hij meer dan geslaagd en je ‘moet’ als je in Athene bent dit indrukwekkende museum zeker bezoeken. Allereerst heeft Tchumi rekening gehouden met de archeologische opgravingen uit de Vroegchristelijke tijd: het museum staat op betonnen palen met daartussen talrijke glasplaten die de vloer van de begane grond vormen en waardoor je naar de onderliggende historische restanten kunt kijken terwijl je er hoog overheen loopt. Je moet trouwens geen hoogtevrees hebben, want ik vind het toch altijd een rare gewaarwording om over glas te lopen.

Vervolgens zie je in de entree verschillende maquettes van hoe de Acropolis en het Parthenon in de loop van tientallen eeuwen eruit heeft gezien. Hier kun je niet alleen zien dat het Parthenon in zijn begintijd een heidense tempel was gewijd aan de beschermingsgodin van de stad, maar later ook een kerk werd inclusief christelijke klokkentoren. Later werd het zelfs tot moskee getransformeerd en de klokkentoren maakte plaats voor een minaret, totdat de Turken er uiteindelijk hun buskruit opsloegen en de Venetianen er in die tijd een paar kanonskogels op afvuurden. Het resultaat van die laatste gebeurtenis is nog steeds zichtbaar want het Parthenon is thans een imposante ruïne. De meeste onderdelen die nog over waren zijn inmiddels verwijderd en worden in verschillende musea wereldwijd tentoongesteld. De belangrijkste stukken zijn waarschijnlijk wel de sculpturen van de timpanen, de metopen en de fries van het Parthenon. Een (klein) deel is hiervan te bewonderen in het genoemde Atheense Acropolismuseum. Echter om het grootste deel van de beeldhouwwerken van het Parthenon te bekijken dien je naar het British Museum in Londen te gaan. Het was de Engelse Lord Elgin die met toestemming van de toenmalige Ottomaanse autoriteiten tussen 1801 en 1804 een groot deel van de sculpturen van het Parthenon naar Londen liet verschepen en ze later aan de Britse regering verkocht, die ze uiteindelijk tot de dag van vandaag tentoonstelt in het British Museum, waar ze echt een publiekstrekker zijn.

De Elgin Marbles, zoals de Parthenonsculpturen in Londen ook wel genoemd worden, zijn tot heden een twistappel tussen de Griekse en de Britse overheid. De Grieken ijveren er al tientallen jaren voor om ze terug naar Athene te krijgen en zegt dat de Britten ze onrechtmatig in hun bezit hebben.

Vooral toenmalig cultuurminister, bekende actrice en zangers Melina Merkouri (1920-1994) ijverde tijdens haar regeerperiode voor de teruggave, helaas zonder succes.

De Britten weigeren het Griekse verzoek stelselmatig met verschillende argumenten waaronder het feit dat de Grieken geen plek zouden hebben om de antieke kunstwerken goed te kunnen conserveren. In juni 2009 leek bij de opening van het nieuwe Acroplis museum dit argument niet meer houdbaar en Antonis Samaras, de Griekse cultuurminister in 2009, uitte bij de officiële opening van het nieuwe museum nogmaals dezelfde wens als zijn voorganger Merkouri. Maar het lijkt erop dat alle pogingen om de sculpturen terug te krijgen spreekwoordelijk “uilen naar Athene dragen” worden.
Omdat de Grieken nog steeds goede hoop hebben dat de Elgin Marbles terug naar huis komen zijn er in het Acropolismuseum al overal plekken open gelaten (of staan er tijdelijke gipsen replica’s) die straks plaats kunnen bieden aan de ‘verloren zonen’ van de Griekse kunstgeschiedenis. Toen ik verleden week op de Atheense luchthaven stond te wachten om de KUNSTSTAD-groep, die zou arriveren voor een vijfdaagse reis, stuitte ik op een groot interactief televisiescherm waarop voor de wachtende reizigers een enquête verscheen met de vraag of je vindt dat de Elgin Marbles terug moeten komen naar Athene. Je kon ook de tussenstand lezen van iedereen die ter plekke ja of nee had gestemd en wat bleek, 99% van deelnemers vindt dat de Elgin Marbles terug naar Athene moeten komen. Ik vond het trouwens wel een beetje discutabele (tussen)stand want volgens mij moeten er toch ook wel aardig wat tegenstanders zijn, bijvoorbeeld toeristen uit het Verenigd Koninkrijk die op het vliegveld met deze enquête meedoen. Ik ben benieuwd of deze gewenste overdracht in de toekomst inderdaad plaats zal gaan vinden, maar in de tussentijd dien je dus zowel naar Londen als Athene te gaan om een goed beeld van het Parthenon te krijgen.


Marcel Verhoeven 

Europakenner