wo
22
feb
2012
Laatst was ik weer eens in het Amsterdam Museum, zoals het Amsterdams Historisch Museum tegenwoordig heet.
Het Amsterdam Museum is sinds 1975 gevestigd in de gebouwen van het voormalige Burgerweeshuis. De gevels, de poorten, de regentenkamer en de jongens- en meisjesbinnenplaats herinneren nog steeds aan het weeshuis. Het Burgerweeshuis werd omstreeks 1520 gesticht in een huis aan de Kalverstraat. In 1579 verhuisde het naar het voormalige St. Luciënklooster, dat op de plaats van het huidige museum stond. Het middeleeuwse St. Luciënklooster werd na de reformatie door het protestante stadsbestuur geconfisqueerd en kreeg een nieuwe functie als weeshuis. Toch treft u hier nergens oude middeleeuwse kloostergebouwen aan want die werden geleidelijk aan afgebroken en in de 17de eeuw vervangen door nieuwbouw. Sommige details doen nog herinneren aan de tijd dat het een weeshuis was, zoals een reliëfplaat met weesjongens uit 1581 boven de ingang aan de zijde van de Kalverstraat. In 1960 kreeg Aldo van Eyck (1918-1999) opdracht om een nieuw weeshuis te bouwen. Van Eyck bouwde een gebouwencomplex geïnspireerd op Afrikaanse volksarchitectuur zoals bijvoorbeeld de kashba’s te Mali. Er ontstond aan het IJsbaanpad (hoek Amsteleveenseweg) in Amsterdam-Zuid een cluster van gebouwen waarin de weeskinderen werden ondergebracht. Van Eyck verwierf met dit structuralistische project internationale bekendheid. Van 1960 tot 1991 was het complex als zodanig in gebruik en gelukkig werd het daarna van de sloperhamer gered. Hoewel het tegenwoordig een kantoorfunctie heeft kunnen we toch nog goed een beeld krijgen hoe de architectuur inclusief de vernieuwend ideeën van een gerenommeerde architect eruit zagen. Immers niet alleen de oude grachtenpanden zijn een deel van ons cultuurbezit, maar ook de veel recentere bouwkunst behoort daartoe.
Commentaar schrijven
Commentaren: 0